Tip 4: Keuze contactwals en schuurschoen
Nog veel meer dan bij de meeste andere productiemachines is de keuze van een geschikte schuurmachine steeds maatwerk. Er zijn talloze parameters waarmee men rekening dient te houden bij de aankoop. De keuze van de contactwals en de schuurschoen zijn er daar twee van.
Twee units
De meeste breedband-schuurmachines zijn uitgerust met twee units: een unit met een contactwals voor het kalibreren of grofschuren van het hout en een unit met een schuurschoen voor het verwezenlijken van een mooie finish. De twee units kunnen aangedreven worden ofwel door één enkele motor ofwel door twee aparte motoren. De laatste optie is uiteraard duurder in aankoop, maar wel aan te bevelen gezien het de machine robuuster en efficiënter in gebruik maakt.
Contactwals en schuurschoen kunnen in bepaalde gevallen ook gecombineerd worden binnen één enkele unit. Afhankelijk van de gewenste bewerking stelt men dan ofwel de contactwals ofwel de schuurschoen buiten werking door deze op te trekken. Bovenstaande informatie is uiteraard de basis. Er bestaan immers heel wat types contact-walsen en schuurschoenen.
Contactwals
Bij een groter wordende diameter van de contactwals, vergroot ook het contactoppervlak tussen werkstuk en walsbekleding. Dit betekent dat de specifieke druk per korrel op het werkstuk verkleint. En inderdaad, microscopisch gezien blijkt dat de diepte van de schuurgroefjes omgekeerd evenredig is met de diameter van de contactwals. De regel is dus: wie werkstukken wil kalibreren, kiest best voor een contactwals met kleine diameter (bv. 200 mm); wie fijner en minder agressief wil schuren, kiest best voor een contactwals met grote diameter (bv. 400 mm).
De contactwals kan bovendien bekleed worden met verschillende mogelijke materialen, elke met variërende hardheid. Hoe zachter de walsbekleding, hoe meer de wals zal ingedrukt worden bij contact met het werkstuk, hoe groter het contactoppervlak tussen walsbekleding en werkstuk zal zijn en dus ook hoe kleiner de specifieke druk per korrel op het werkstuk.
De walsbekleding is steeds voorzien van groeven om afkoeling mogelijk te maken en dus overbelasting van de schuurband te vermijden. Zowel de grootte van de groeven als de hoek die ze maken met de doorvoerzin van het werkstuk hebben een niet te onderschatten effect op het schuurbeeld. Hoe groter de groeven en hoe groter de hoek, hoe agressiever de schuurbewerking; hoe kleiner de groeven en hoe kleiner de hoek, hoe minder agressief de schuurbewerking. De schuurafname is dus omgekeerd evenredig met de hoek van de groeven.
met verschillende hardheden
Schuurschoen
De schuurschoen is gemonteerd tussen twee geleidingswalsen en dient om het werkstuk fijn te schuren. Het contactoppervlak tussen het werkstuk en de schuurschoen is uiteraard veel groter dan bij de contactwals. Hierdoor is de schuurdruk per cm² zeer laag. Het belangrijkste risico bij de schuurschoen is dat de met stof volgelopen schuurband oververhit raakt en daardoor brandvlekken op het werkstuk achterlaat. Om dit te vermijden, dient men erop te letten dat de schuurschoen niet te breed is.
Voor het schuren van massieve stukken is een breedte van 4 à 7 cm meer dan voldoende. Ook moet de schuurschoen bekleed zijn met grafietvet om het wegvloeien van de warmte te bevorderen. Algemeen kunnen we twee types schuurschoen onderscheiden. Eerst en vooral is er de vaste schuurschoen die weliswaar makkelijk instelbaar is, maar die uiteraard niet bruikbaar is noch voor het schuren van schuine, kromme, geprofileerde massieve of gefineerde stukken, noch voor het schuren van gelakte stukken. Voor deze opdrachten heeft men immers het tweede type schuurschoen nodig. Een dergelijke schuurschoen kan zich namelijk aanpassen aan de vormgeving van het werkstukoppervlak.
Tot slot is het ook belangrijk om erop te wijzen dat het schuurkussen bij voorkeur enkel ingezet wordt bij het schuren in de lengterichting van de houtvezel. Door toedoen van het eerder vermelde, grote contactoppervlak tussen schuurkussen en werkstuk, is het eindresultaat bij het dwarsschuren niet mooi egaal. Vooral bij raam- en deurkaders waarbij er een combinatie is tussen langs- en dwarshout, is het dus oppassen geblazen.