Kijk gratis en onbeperkt

Registreer

VEILIG BOUWEN MET ROGER

Bij het bouwen of renoveren is het belangrijk dat je de veiligheidsnormen hanteert zodat je ongelukken voorkomt. We zetten de voornaamste punten op een rijtje.

Transciptie 

Op Dobbit TV besteden we regelmatig aandacht aan het belang van veiligheid als je klust in je atelier. Maar ga je bouwen of renoveren, dan zijn er vaak nog extra zaken om in acht te houden. In deze aflevering geven we een overzicht van de voornaamste veiligheidspunten die van toepassing kunnen zijn.


Met PBM wordt er ‘Persoonlijke BeschermingsMiddelen’ bedoeld. Denk maar aan een mondmasker om je luchtwegen te beschermen tegen dampen of rondvliegend stof. Ook een veiligheidsbril behoort tot de standaard uitrusting. Die komt bijvoorbeeld van pas bij het zagen of slijpen, zodat er geen wegspringende deeltjes in je ogen geraken. Gebruik ook zeker gehoorbeschermers tegen het lawaai. Deze drie soorten bescherming zijn elk ingedeeld in categorieën, afhankelijk van hun toepassing en de mate van bescherming. Ga dus op voorhand goed na welke categorie en dus welke bescherming je nodig hebt voor de klus die jij gaat uitvoeren.
Naast deze elementen, ben je door de overheid verplicht om op werven steeds een helm te dragen indien je boven het hoofd werkt, of zelfs als iemand anders in je buurt dat doet. Een beschadigde helm hoor je ook meteen te vervangen.
Draag ook steeds degelijke werkkledij. Het is belangrijk dat de werkkledij die je draagt, ook daadwerkelijk de correcte maat is. Te kleine stukken zijn niet comfortabel om in te werken, en te grote stukken zullen je gemakkelijk ergens aan doen haperen.

Voor alledaagse klusjes is het voldoende om standaard werkhandschoenen te dragen. Maar ga je heel scherpe voorwerpen of chemische stoffen gebruiken, in de buurt van extreme hitte of kou werken, of ga je lassen, dan gebruik je handschoenen die daar speciaal voor dienen. Voor elke toepassing is er wel een soort handschoen te vinden.

Zeker als je met zware materialen werkt, wat bij het bouwen of verbouwen meestal het geval is, zorg je voor stevige veiligheidsschoenen met stalen neus. Kies er met een extra beschermde binnenzool, die verhindert dat spijkers of glas zich in je voet boren. Dit zijn schoenen met de code S3, want ook de veiligheidsschoenen zijn onderverdeeld in categorieën.
Daarnaast moet je natuurlijk ook vermijden dat je nog dingen draagt die bijvoorbeeld in machines verstrikt zouden kunnen geraken of waarmee je zou kunnen haperen. Accessoires zoals armbanden of ringen doe je uit, en loshangend haar bind je samen. Logisch nadenken is de boodschap.


Werk je met machines, dus zowel vast opgestelde toestellen als handgereedschap, dan hoor je steeds de veiligheidsvoorschriften te hanteren.

Een aantal basisregels:

– Controleer vóór je begint altijd de werkomgeving. Ligt er niets op de grond waarover je zou kunnen struikelen? En is er in de buurt niets dat beschadigd zou kunnen worden door bijvoorbeeld rondspringende gensters?

 


– Gebruik machines enkel waarvoor ze ontworpen zijn. Doe je dat niet, dan riskeer je niet enkel onveilig bezig te zijn, maar maak je je toestel misschien ook wel stuk.

Gebruik ook telkens de correcte onderdelen. Gemelamineerde spaanderplaten verzagen doe je bijvoorbeeld met een zaagblad voor melamine.

 


Bij elke machine staat aangegeven welke PBM’s je nodig hebt, dus draag deze ook.

 


Werk volgens het gepaste toerental en de juiste aanvoersnelheid om terugslag te beperken.

 


Bij het op maat brengen werk je met de geleiders; enerzijds om nauwkeurig af te korten maar ook om steun te geven aan het uitkomende werkstuk zodat het niet onbedoeld kan wegschieten.Zodra je er de boormachine bijhaalt, let er dan op dat je de juiste boorstand gebruikt. Niet kloppen of hameren als je wil boren, de juiste snelheid enzovoort. Dat zorgt voor de juiste afwerking en dat je niet onbedoeld gaat uitschieten met je boor of bits.

 


– Klem je werkstuk altijd stevig vast, ook als het om een kleiner voorwerp gaat.

 


– Wijzig je bepaalde instellingen, haal dan de kabel uit het stopcontact of verwijder de accu.

 


– Indien er een bescherming op je machine zit ingebouwd, zoals een beschermkap op je kolomboor of boven het zaagblad, laat die dan zitten. Ze zijn er niet zomaar.

 


– Maak tijd vrij om je gereedschap af en toe te onderhouden en te controleren op slijtage of fouten.

 


– Waar mogelijk sluit je, zeker in binnenruimtes, de stofafzuiging op je machines aan om je luchtwegen, longen en sinussen te beschermen.

 


- Let er bij elke machine op dat je het toestel pas neerlegt als het zaagblad niet meer draait.

 

 

 


Voor het bereiken van hoger gelegen plaatsen komt een ladder natuurlijk van pas. Zorg ervoor dat je hem altijd op een stabiele ondergrond plaatst. Is dat niet mogelijk, zet er dan een plank onder. Er moet ook voldoende ruimte vrij zijn rond de ladder, zodat je er veilig op en af kunt klimmen.

De hellingshoek zal meebepalen hoe stevig je ladder staat. Idealiter bedraagt de afstand tussen de muur en de laddervoet tussen 1 derde en 1 vierde van de lengte van de ladder. Dat komt overeen met een hellingshoek tussen 65 en 75 graden. Denk ook bij het beklimmen van de ladder aan de driepuntsmethode. Je moet telkens drie steunpunten op de ladder hebben. Ofwel twee handen en een voet ofwel twee voeten en een hand.

Lukt dit niet, moet je hoger kunnen gaan met meerdere mensen tegelijk fo wil je naast elkaar kunnen werken, dan kan het handiger zijn om meteen een stelling te plaatsen.


Bij een hoge stelling is het dan wel belangrijk dat je hem verankert aan het gebouw. Dat vermindert het wiebelen en zorgt er ook voor dat hij niet kan omvallen. Wanneer en hoe je moet gaan verankeren is afhankelijk van de toegestane belasting en staat beschreven in de technische fiche van de stelling. Ook bij een hoge windsnelheid, vanaf 7 beaufort, moet je verankeren, of de stelling gaan afbreken. Bij rolsteigers moet je natuurlijk steeds de rem opzetten wanneer je ze gebruikt.
Bij werken op stellingen en/of op het dak is het dragen van een valharnas trouwens geen overbodige luxe. Dat wordt aangepast aan de omstandigheden en de lichaamsbouw van de persoon in kwestie. Het verankeringspunt op het harnas wordt in functie van de valrichting geplaatst, op de rug, tussen de schouders of ter hoogte van het borstbeen.

 

 

 


Bij het afbreken van een oudere woning kan het goed zijn dat je gevaarlijke producten, zoals asbest tegenkomt. Vaak zit het in golfplaten, gevelleien en imitatienatuursteen, of is het in leidingisolatie, vloerbekleding of vensters verwerkt. Laat in geval van twijfel een laboanalyse uitvoeren.
Asbestgebonden materialen die beschadigd zijn, moet je door een gespecialiseerde firma laten verwijderen. Maar golfplaten of leien in goede staat mag je zelf afvoeren.

Baken daarvoor eerst de zone af waarin je gaat werken. Alleen wie bescherming draagt, mag die betreden. Een principe dat je eigenlijk bij alle afbraakwerken moet hanteren. Leg een folie uit om materiaal dat naar beneden dwarrelt op te vangen. Tape de stukken aan elkaar vast.

Je moet jezelf nu eerst en vooral goed beschermen. Draag een mondmasker van het type FFP3, dat voldoende filtercapaciteit heeft. Ook een veiligheidsbril is nodig. Trek schoeisel aan dat je nadien kan afspoelen. Daarnaast moet je rubberen handschoenen aandoen. Ten slotte kruip je in een wegwerpoverall. Tape de broekspijpen en mouwen goed dicht. Zo kunnen de minuscule vezels niet in je overall komen.


De bevestigingsschroeven van de platen zijn normaal gezien te verwijderen met een dopsleutel of gewone sleutel. Probeer daarbij de stukken niet te beschadigen.
Spoel regelmatig af tussendoor, zodat eventueel stof gefixeerd wordt.

De platen voer je af naar een centrale plaats op de folie. Draag de stukken met twee personen zodat ze zeker niet vallen.
Bemerk je nu ergens toch een beschadiging, haal de plaat er dan voorzichtig af en vernevel hem al eens. Langs de beschadiging of breuklijn breng je dan een fixeermiddel aan. Zo’n product vind je in de betere bouwhandel.


Wanneer alle platen verwijderd zijn, moet je de werfzone nog volledig schoonmaken. Heb je te maken met een gemetseld gebouw zoals hier, dan spoel je het af. Is het een houten tuinhuis, dan verzadig je de houten structuur beter niet met de tuinslang, maar gebruik je liever een natte vod.

Vergeet de binnenruimte ook niet te reinigen, want er kan spoelwater naar binnen gesijpeld zijn.

Ook losliggend puin en restmateriaal verwijder je, waarna je alles grondig naspoelt.

De verwijderde platen verzamel je in een platenzak. Zo’n verpakking kan je volledig afsluiten. Naast de platen, leg je ook al het andere afval erin, zoals de afvalzakken met opgevouwen folies, gebruikte vodden, enzovoort.
Daarna spoel je eerst grondig je handen en voeten af. Verwijder de tape langs de mouwen van je overall. Ontrol de handschoenen en spoel nogmaals de handen.

Ook je overall doe je af door hem te ontrollen, zodat je vermijdt dat je de buitenkant moet aanraken. De tape van de laarzen doe je nu ook weg.

Stop alles in een afvalzak, die je langs de hals dichttapet. De zak plaats je dan nog eens in een andere afvalzak. Het mondmasker doe je erbij. Ook deze tweede zak tape je dicht en doe je bij de rest van het asbestafval.

Nu spoel je nog een laatste keer je handen en laarzen. Vergeet ook je bril niet!


Als we het over bescherming hebben, denken we meestal meteen aan ongevallen. Maar veiligheid houdt ook in dat je zorg draagt voor je houding, zodat je op lange termijn geen rugklachten krijgt. Probeer het werk dus in ieder geval niet onnodig zwaar te maken. Als je bijvoorbeeld materialen naar het dak wilt hijsen, huur dan liever een schaarlift in plaats van kabels te gebruiken. Dat is trouwens eveneens een veilige manier om zelf boven te geraken.

Ook als je binnen werkt en platen tegen het plafond moet krijgen, komt een mechanische hulp van pas.


Je legt de plaat op de lift en brengt die recht. Dan krik je de lift omhoog. Eenmaal de plaat in de juiste positie hangt, kan je hem vastzetten met schroeven.
Je kunt natuurlijk ook zelf een hulpstuk bouwen om zware platen te vervoeren. Dat zal dan als een soort rollende hefboom functioneren. Het bouwplan voor deze klus vind je op de website.

Je maakt in feite een basisframe, waarbij aan beide kanten een scharnierende zijwand komt. Breng de afmetingen over op een multiplexplaat. Zaag dan het binnenste vlak eruit met de decoupeerzaag. Ook de zijwanden teken je af en zaag je uit. Die hebben een buiging. Om de afgeronde vorm te tekenen, creëer je een soort van passer door middel van een pivoterende regel.
De zijwand krijgt ook nog een handgreep mee. Qua afmeting kijk je naar een opening die het best past voor jouw handen. Teken af met een kleine dop. Maak een boorgat en zaag opnieuw netjes uit.

Om nu de andere zijwand af te tekenen, gebruik je de afgewerkte versie als mal op de plaat.

Vergeet niet om ook alle onderdelen lichtjes op te schuren zodat je geen splinters krijgt.
Neem de pianoscharnieren erbij. Zaag die indien nodig nog op maat met de ijzerzaag.
Als je later de zijwanden wil dichtvouwen, moet de ene zijwand boven de andere kunnen inklappen; daarom komt er een lat bij om dat te overbruggen. Kort af waar nodig. Gebruik houtlijm om hem te bevestigen. Dan schroef je hem nog vast.
Schroef nu het pianoscharnier vast. Dan kan de zijwand erbij.

Om de zijwanden later te sluiten, komt er een scharnierend kaderstuk. Om die in te werken, mogen de zijwanden niet aansluiten tegen de rand. Duw de zijwand dus opzij met een stuk resthout; zo is er ruimte voor het kaderstuk om te scharnieren.

Bevestig nog het pianoscharnier van de andere zijwand. Vergeet deze zijwand niet op te duwen met een stuk resthout, zodat je straks het sluitstuk kan inwerken. Controleer nog eens of hij correct sluit. Fixeer dan het volledige scharnier.
Nu komt het sluitstuk erbij dat de zijwanden moet vastklemmen. Alleen, de bevestigingslat van de eerste zijwand zit nog wat ongelukkig in de weg. Kort hem af met de rugzaag.
Aan het sluitstuk komt nog een stukje lat dat zich achter de zijwanden klemt. Haal er een tweede stuk lat bij, en teken het nodige af. Breng de lat op maat.
Bevestig nu het laatste pianoscharnier.
Dan is het de beurt aan de wielen. Markeer waar je moet boren. Gebruik een boor die even dik is als de diameter van de houtdraadbout. Bevestig hem met een tik van de hamer. Draai er dan het wiel aan vast, met ook enkele sluitringen. Die vermijden dat de moeren lostrillen en bij het opspannen in het plastic van het wiel wringen. Draai er uiteindelijk nog een extra moer op als verzekering tegen het lostrillen.
Verder komt er nog een L-profiel aan de voorkant van het basiskader. Daar kun je de plaat tijdens het vervoeren op laten rusten. Boor eerst de gaten en fixeer dan het profiel.
Om te voorkomen dat de benen dichtslaan, komt er nog een koord die het volledig uitzwaaien van de zijwanden zal verhinderen. Met een schroef en sluitring fixeer je het touw strak. Daarmee zit al het werk erop. De platenkar verplaats je gemakkelijk en eenmaal opengeklapt pak je er snel een plaat mee op. Je kunt hem bijvoorbeeld tot aan je werkbank rijden en erop schuiven zonder je rug te moeten belasten.
Wil je nog meer tips en uitgebreidere informatie over hoe je jezelf tijdens het klussen kunt beschermen, bekijk dan zeker de afleveringen van De Tooldokter. Je vindt ze allemaal terug op dobbit.be. Als je je inschrijft voor het gratis online magazine, krijg je bovendien regelmatig allerlei tips opgestuurd naar je mailbox.

Je kan dit artikel volledig lezen na registratie

Reageer

Kleurenschema
Aantal tegels per rij
Beeldverhouding
Weergave
Hoeken afronden
0

Welkom bij Dobbit 

Dobbit maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren en te personaliseren. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met Het privacy- en cookiebeleid.