Registreer u voor het gratis online magazine en krijgt beperkte online toegang

Registreer

Het zelfbouwhuis - aflevering 45

Een trap gieten in beton - Ep. 45 - In deze aflevering van Het zelfbouwhuis voorzien we een nieuwe trap, zodat we weer vlot tussen de verschillende verdiepingen kunnen bewegen. We beslissen om die zelf in beton te gieten, maar eerst moeten we daarvoor de nodige bekisting voorzien.

Transciptie 

In de vorige aflevering werkten we verder aan de buitenschil.

We voorzagen de nieuwe buitenmuren van isolatie, met PIR-platen met tand en groef.

Daarna metsten we de gevel op.


In deze aflevering gieten we een nieuwe trap in beton, zodat we weer vlot tussen de verschillende verdiepingen kunnen bewegen.
We werken zo'n 16 uur mee met de aannemer. Tegen 40 euro per uur sparen we op die manier 640 euro uit.


Toen we de drukvloer op de eerste en tweede verdieping goten, pasten we het trapgat onmiddellijk aan naar de nieuwe afmetingen.

De architecte bezorgde de aannemer de nodige details, zodat hij de bekisting kon bijwerken.
We moesten daarvoor uiteraard eerst onze oude trappen uitbreken.

Dit was op zich niet zo moeilijk. De trap werd losgemaakt van de muur, zodat we hem er gewoon uit konden halen.

Op het eerste verdiep klemde die te veel, dus moesten we de trap eerst nog in twee zagen.
Om van het gelijkvloers naar de eerste verdieping te gaan, zullen we nu een nieuwe betonnen trap voorzien.

Doordat we een renovatie doen, en ons gebouw ondertussen al afgesloten is, kunnen we geen prefab trap plaatsen. Daarom beslissen we om zelf een trap te gieten.

Die kunnen we dan achteraf afwerken met de bekleding die we willen.

De eerste fase is de belangrijkste, namelijk het uittekenen van de trap.
Wat je daarbij moet weten, is de traphoogte: de afstand tussen de beneden- en de bovenvloer.

Daarnaast moet je ook de ‘val’ kennen. Dit is de horizontale afstand die je trap zal innemen.
Om die maten te kunnen bepalen, duiden we eerst ons vloerpas aan op de naastliggende muur.
Dit meterpas zetten we dan over op de volledige muur met een grote waterpas.
We meten nu vanaf die lijn – op één meter hoogte – loodrecht naar ons vloerpas op de eerste verdieping. Op die manier kennen we de exacte traphoogte.
De afstand tussen die loodlijn en het begin van onze muur, is de horizontale maat – of ‘val’ – van onze trap.
Zo komen we aan een totale hoogte van 270 cm en een diepte van 345 cm.
Om de nieuwe rechte trap uit te tekenen, bereken je dan hoeveel treden je nodig hebt om de volledige traphoogte te overspannen.
Een klassieke trapformule of vuistregel die we hiervoor kunnen gebruiken is de volgende: 2x de optrede + 1x de aantrede moet tussen de 57 en 63 cm liggen.
De optrede is de hoogte van de trede, of de verticale afstand tussen de treden. Die is in het ideale geval ongeveer 17 tot max. 19 cm.
De aantrede is de horizontale afstand tussen twee treden. Een comfortabele afstand hierbij is tussen 22 en 29 cm.
Wanneer we bij onze berekening ook nog rekening houden met een aangename stijgingshoek, die tussen 30 en 40° ligt, kunnen we de juiste maten bepalen.
Wij rekenen dit hier uit met de hulp van onze aannemer, maar er bestaan ook handige tools online die je hierbij kunnen helpen!
We komen uiteindelijk tot een optrede van 18 cm. Om onze traphoogte van 270 cm te overbruggen, hebben we dus 15 treden nodig.
Bij onze val van 345 cm, komen we dan aan een aantrede van 23 cm, wat ideaal is.
Dit kunnen we nog aftoetsen met de trapformule:

2x 18 cm + 1x 23 cm = 59 cm, wat perfect tussen de ideale marge van 57-63 cm ligt.
Let er dus op dat je bij de berekening van je treden de ideale maat van optrede en aantrede benadert, zodat je trap comfortabel is in gebruik.
Nu we onze afmetingen bepaald hebben, kunnen we de treden gaan aftekenen op de muur.

Het is hierbij belangrijk dat we voor ons startpunt rekening houden met onze bekleding! Doe je dit niet, dan zal je trap niet vlak aansluiten op je verdiepingsvloer.
Wij houden rekening met een afwerkingslaag van 5 cm, omdat we met natuursteen zullen werken.

Daarom moeten we de trap dus 5 centimeter lager tekenen, zodat hij langsboven mooi gelijk uitkomt met onze vloer.
Onze aannemer heeft nu een handig hulpmiddel om de treden uit te tekenen. Je kan er zowel de maat van de aantrede als de optrede mee instellen. En door zijn ingebouwde waterpas en perfect haakse hoek, heb je in een mum van tijd je trap uitgetekend.
We starten dus 5 cm onder het vloerpas en 5 cm naar binnen. Vanaf daar meten we nu 18 cm naar boven en 23 cm naar binnen. Zorg er zeker voor dat je lijnen loodrecht en waterpas staan, zodat je treden ook recht zijn!
Op die manier teken je dus trede voor trede uit, tot je helemaal boven komt.

Neem er je tijd voor, zodat je tevreden kan zijn over het eindresultaat.

Kom je langs boven juist uit, dan zijn je berekeningen goed gedaan!
Om de bevestiging van de bekisting correct en vlot te laten verlopen, moet je de trap ook op de ander muur aftekenen. Zo weet je perfect waar je zal moeten boren.
Zorg ervoor dat je op exact dezelfde hoogte start, zodat je treden ook waterpas zullen liggen!
Verloopt alles volgens plan, dan zou je langsboven op exact dezelfde hoogte moeten eindigen.

Ter controle kun je nog het aantal treden aan weerzijden van de muur tellen, dan ben je zeker dat het goed zit.
Nu kunnen we overgaan naar het plaatsen van onze bekisting en de wapening.

Man 1
Samen met onze aannemer hebben we de maatvoering van onze betontrap bepaald. We hebben ook al gemarkeerd op de muur waar onze tredes gaan komen. En onze aannemer heeft voor ons de bekisting voorbereid, dus alle tredes op maat gemaakt, en de wapening op maat gezet. En nu zijn wij klaar om die te gaan installeren.
We starten met de aanzet van de trap. Daarvoor moeten we een plank langs onder tussen de twee muren positioneren.

Hij moet er perfect tussen passen, dus werken we de grootte nog wat bij.

Deze bekisting duidt het begin van onze onderste trede aan en moet ook op de juiste hoogte zitten.

Aan de zijkant bevestigen we enkele plankjes, waarmee we het aan de muur kunnen verankeren.


Tijdens het monteren controleren we zowel horizontaal als verticaal regelmatig met de waterpas, zodat onze eerste trede perfect recht zal zijn!

Met slagpluggen en sergeanten hangen we de bekisting uiteindelijk ter plaatse.


Deze onderste plank zal al het gewicht van het bovenliggende beton moeten kunnen tegenhouden, daarom is het nodig om alles voldoende te ondersteunen!

Met een plank en extra balken en stutten, klemmen we alles stevig vast. Zo kan de bekisting niet verschuiven onder de druk en komt de plank niet bol te staan!


De volgende stap is het plaatsen van de onderkant van de bekisting.


Onder de afgetekende traptreden maakte de aannemer al een sleuf in beide muren. Daar zal de wapening in gepositioneerd kunnen worden, zodat het beton en de wapening - en dus ook de trap - met de muur verankerd zullen zijn.

Voor de positie van die sleuf hield hij rekening met de opbouwdikte van de trap, die 12 cm zal bedragen. De wapening zal ongeveer halverwege zitten.


Voor het plaatsen van onze bodemplaat, evenwijdig met de sleuven, moeten we nog rekening houden met de dikte van onze balken die we gebruiken ter ondersteuning.

We meten alles af en weten zo waar we ze moeten plaatsen.

De verticale stutten maken we op maat volgens de juiste helling zodat alles op de juiste hoogte en in de juiste hoek ondersteund wordt.


Op een regelmatige afstand voorzien we aan de onderkant ook horizontale steunbalken. Zo kan onze bodemplaat niet gaan doorhangen door het gewicht van het beton.

Met een tacker schieten we ze vast, zodat ze niet zouden gaan verschuiven.


Het plaatsen van zo’n bekisting kun je zeker niet alleen doen. Het gaat om moeilijk te bereiken plaatsen, dus extra hulp is noodzakelijk.


Nu we er nog bij kunnen, plaatsen we meteen het grootste wapeningsnet.

De afwerking ervan doen we straks.


Als volgende zijn de tredes aan de beurt.

De aannemer deed hiervoor de nodige voorbereidingen.

Hij maakte de bekisting voor elke traptrede en nummerde die zodat we de juiste volgorde zullen hanteren.

Die bekisting dient om het beton aan de optrede tegen te houden.

De plankjes aan de zijkant hebben we nodig ter bevestiging aan de muur, én die zijn ook afgestemd op de grootte van onze aantrede.


Eens de positie van de plank correct is, kunnen we al een slagplug bevestigen.

We controleren meermaals met de waterpas of alles recht is.


Soms is het ook nodig om te corrigeren, wat de plankjes moeten niet enkel verticaal aansluiten op onze uitgetekende treden. Ook de onderkant moet overeen stemmen met de gemarkeerde tredehoogte.

De onderkant van plank twee, moet met andere woorden horizontaal perfect waterpas liggen ten opzichte van de bovenkant van plank één, enzovoort.


En ook al is de bekisting reeds gemaakt, toch vergt dit wat tijd. Want de precisie waarmee je dit doet, bepaalt uiteindelijk hoe recht je trap zal zijn.


Wanneer we over de helft zitten, werken we eerst de wapening af.

Het grootste net plaatsten we al, maar nu gaan we nog een aantal bijkomende stroken installeren.


Het is belangrijk dat we hierbij afstandhouders voorzien.

Die zorgen ervoor dat er minstens 2 cm tussen het net en de bodemplaat zit.

Op die manier kan het beton goed onder het net lopen en krijg je de nodige stevigheid.

Bovendien kan het staal op die manier geen roestplekken veroorzaken in je plafond, doordat het volledig omsloten is met beton.


We bevestigen de afstandhouders op de correcte manier onderaan onze wapening.

Met binddraden en een zakkentrekker kunnen we ze aan elkaar vastmaken, zodat ze blijven zitten.


Ook onder het net dat al ter plaatse zit worden er nog afstandshouders gemonteerd.

Voorzie er genoeg, zodat de wapening niet doorhangt en de onderplaat raakt.

Hoe dikker, en dus hoe steviger je staal, hoe minder je er moet plaatsen.


De extra stroken staalnet kunnen we vervolgens ter plaatse steken en aan de al geplaatste delen bevestigen.


Ten slotte moeten we alles nog aan ons gebouw gaan verankeren. Dit doen we met extra staven, zowel in onze voorgemaakte sleuven als aan de bovenkant.

Daarvoor boren we eerst uitsparingen met de gepaste diameter.


Fixeren doen we met chemisch anker, maar voor we dit kunnen aanbrengen moeten we de gaten stofvrij maken.

Dit kun je doen met een compressor of een pomp. Zorg er gewoon voor dat ook het diepste punt van het gat uitgeblazen is.


We controleren of de 2-componentenpasta zich voldoende mengt tot een lichtgrijs product, en spuiten het dan in de voorziene openingen.


Draai de staven daarna in het gat, en laat alles voldoende drogen, volgens de richtlijnen op de verpakking.


Volg steeds de instructies van je ingenieur op om de juiste wapening te voorzien, want die moet voldoende dik zijn!

De bevestigingsstaven zullen sowieso een iets grotere diameter hebben dan je wapeningsnetten.


Terwijl het chemisch anker uithardt, bevestigen we ook de laatste tredenbekisting.

Een steenboor, waterpas, hamer en slagpluggen vormen het gereedschap dat we hiervoor nodig hebben.


Het kan trouwens geen kwaad om regelmatig na te meten of je aantrede de juiste diepte heeft!


De staven kunnen nu geplooid worden, zodat we ze aan onze wapeningsnetten kunnen bevestigen met binddraad. Op die manier zit de trap vast aan ons gebouw.


Man 1
Onze trap is bekist en onze wapening zit op zijn plaats. Nog enkel verankeren in de muur met wat extra staven, en dan kunnen we beton storten.
We plaatsen de staven in de voorgemaakte sleuven en hangen die dan stevig vast aan onze reeds geplaatste wapeningsnetten.

Doe dit aan weerszijden van elke trede.


Zo steunt de wapening ook aan de zijkant op het gebouw en is de trap aan de naastliggende muren verankerd.


Tijd nu om onze bekisting vol te storten met beton en onze trap te gieten!


We vullen de trap nu logischerwijs van beneden naar boven, te beginnen met de onderste trede.


Hier kun je goed zien dat de afstandshouders voor voldoende ruimte onder de wapening zorgen.


We kiezen ervoor om zelf droog rijk beton op te halen bij de betoncentrale. Dan kunnen we die op de werf mengen met water om zo de geschikte consistentie te bekomen.


Maak het beton sowieso niet te lopend, zoals bvb. bij een drukvloer, want anders zou het beton uit je bekisting lopen.


Als je bekisting ongeveer vol zit, kun je er met de schop wat in prikken, zo haal je al een deel van de luchtbellen eruit.

Daarna kun je weer wat bijvullen.


Terwijl je de trap aan het gieten bent, is het nodig om regelmatig de bekisting aan te trillen met een rubberen hamer.

Op die manier haal je nog meer luchtbellen uit het beton en verdicht de massa, wat de sterkte van het resultaat ten goede komt.


Door het aantikken van de bekisting kan het beton wat naar beneden zakken, waardoor de onderste trede wat te vol komt staan.

Dit kun je eenvoudig verhelpen door na het vullen van pakweg de eerste 4 treden wat te wachten. Zo zal het mengsel al een beetje uitdrogen, waardoor het minder snel zal zakken.


Hoe hoger we op de trap komen, hoe intensiever het wordt om de bekisting te vullen.

Als je met twee bent, kun je elkaar best aflossen.


Breng het beton naar boven met een rubberen emmer, daarmee kun je de treden gemakkelijk vullen.

Een plastieken exemplaar zou geen lang leven beschoren zijn, want het handvat zou doorscheuren door het gewicht van het beton.


Met een metserstruweel duwen we het beton van langsboven goed aan en kunnen we het oppervlak ook glad afwerken.


Hoe meer je tijdens het verwerken in het beton steekt, hoe meer de massa zal verdichten, en hoe sterker het eindresultaat zal zijn.


Vergeet trouwens niet om ook de onderkant van de bekisting regelmatig aan te tikken. Zo ben je zeker dat het beton mooi onder de wapening en tot tegen de bodemplaat loopt.


Het neemt wel een aantal uren tijd in beslag om de trap volledig te gieten. Wij hadden zo’n 1,2 m³ droog beton nodig, wat een behoorlijke hoeveelheid is om handmatig te verwerken.


Ben je uiteindelijk tevreden van het resultaat en heb je de treden glad afgewerkt, dan kan het droogproces beginnen.


We spoelen meteen ons gebruikte materiaal af, zodat het beton er niet aan vastkoekt.


Man 1
Ons beton heeft 4 weken perfect kunnen uitdrogen, dus nu is het tijd om de bekisting te verwijderen.
De slagpluggen kunnen we relatief makkelijk losmaken met een schroefboormachine.

En zitten de planken nog wat vast, dan is een klauwhamer of koevoet een handig hulpmiddel!


Om de bodemplaat weg te halen, moeten we voorzichtiger te werk gaan. Want we weten niet of de plaat vanzelf naar beneden zal komen eens we de stutten weghalen.

Een helm is daarbij zeker geen overbodige luxe.


Gebruik een balk om de plaat tegen te houden, terwijl je alle schoren verwijdert.

Daarna kun je voorzichtig de plaat losmaken met een koevoet.


En als je voldoende aangetrild hebt tijdens het gieten, zou je nu langs achter een mooi vlakke betonlaag moeten bekomen!

Zitten er toch nog een paar kleine gaatjes, dan kun je die achteraf nog wat bijvullen.


Voor de rest van de werken laten we de trap nu in zijn huidige staat. De bekleding en afwerking doen we dan wanneer de vloer gelegd wordt. Zo kunnen we die ondertussen niet beschadigen!


In deze aflevering bespaarden we 640 euro. Samen met het voorlopige totaal van 55.550 euro komt het gespaarde bedrag nu uit op 56.190 euro.


In de volgende aflevering zetten we een nieuwe stap naar een energiezuinige woning. We voorzien een luchtdichte coating op de naden van onze buitenste schil en laten een tussentijdse luchtdichtheidsmeting doen, zodat we weten waar de aandachtspunten zitten.

Je kan dit artikel volledig lezen na registratie

Reageer

Het Zelfbouwhuis

 

Kleurenschema
Aantal tegels per rij
Beeldverhouding
Weergave
Hoeken afronden
0

Welkom bij Dobbit 

Dobbit maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren en te personaliseren. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met Het privacy- en cookiebeleid.