Hoe test je je rookmelders?
Tegenwoordig is het verplicht om op elk verdiep van je woning een rookmelder te hebben. Deze werken op batterijen en gaan vijf tot tien jaar mee. Het is echter belangrijk dat je regelmatig eens test of ze nog naar behoren werken. Niet door een vuurtje te stoken, gewoon de testknop indrukken is voldoende.
Wat is een rookmelder?
Het doel van een rookmelder is een snelle detectie van rook verzekeren. Daarnaast heeft deze ook als doel de vluchtweg te beschermen, daarom installeer je die op iedere verdieping in de hal of in een centrale ruimte. Een rookmelder zal rook optisch detecteren en vervolgens een geluidssignaal laten horen.
Rookmelders kunnen onderling van elkaar verschillen in grootte. Een kleiner model valt minder op en zal bijgevolg iets duurder zijn. Verder kunnen deze ook verschillen in levensduur. Meestal gaan rookmelders ofwel 5, ofwel 10 jaar mee.
Rookmelders zijn uitgerust met een al dan niet vervangbare batterij. Het best kies je voor een rookmelder met een ingebouwde batterij die er niet uit kan, met een levensduur van 10 jaar. Een vervangbare batterij gaat 1, 3 of 5 jaar mee. Belangrijk is dat de batterij dan regelmatig wordt verwisseld zodat de rookmelder zijn werk kan blijven doen.
Er bestaan ook rookmelders die je kan aansluiten op het elektriciteitsnet – deze bevatten ook een batterij in het geval van stroompanne – en rookdetectoren die je kan verbinden met je smartphone of domoticasysteem. Verder heb je ook gelinkte rookmelders, zodat wanneer één detector rook signaliseert, alle detectoren in alarm gaan.
Tips bij de plaatsing
Een rookmelder installeren houdt over het algemeen niet veel in. Grosso modo zijn er twee systemen op de markt: met schroeven of met een magneet.
Een rookmelder plaats je voorts altijd zo hoog mogelijk, want rook stijgt. De enige uitzondering is de zolder. In hoeken heb je stilstaande lucht, dus plaats je rookmelder best minimum 30 centimeter onder het hoogste punt. Verder plaats je de rookmelder zo centraal mogelijk in de ruimte zodat de rook zo snel mogelijk kan worden waargenomen. Kan je de rookmelder niet centraal plaatsen, dan doe je dat op minimum 30 centimeter van een muur. Plaats een rookmelder echter niet te dicht bij een lamp of in de buurt van een ventilatieopening.
Vermijd ook rookmelders in de keuken – dat kan voor een vals alarm zorgen (bijvoorbeeld van stoom die vrijkomt bij het koken) – of andere natte ruimtes. Daar is een hittedetector meer op zijn plaats.
Je rookmelder testen
Een rookmelder test je het best maandelijks. Dat houdt eigenlijk niets in. De meeste melders zijn uitgerust met een testknop die je gewoon moet indrukken, waarna de melder een signaal geeft.
Hoor je een regelmatige korte biep uit je rookmelder komen zonder dat je hem hebt aangeraakt? Dan is het tijd om de batterij te vervangen.
Het is verder ook belangrijk dat je de rookmelder stofvrij houdt.
Naast detectie is het ook handig – echter niet verplicht – om zelf aan brandbestrijding te kunnen doen. Weliswaar enkel als je er snel kan bij zijn of als het ergste nog te voorkomen is, want bij brand bel je sowieso het best de brandweer.
MEER WETEN:
> Welke toestellen zijn er voor brand- en CO-detectie?
> Hoe toestellen voor branddetectie plaatsen