Kijk gratis en onbeperkt

Registreer

Hoe een tuinpad in natuursteen aanleggen

Een tuinpad aanleggen is een haalbare kaart voor elke doe-het-zelver. Maak wel dat je lang van je tuinpad kan genieten. Daarom gebruiken we dit keer natuursteen, en kijken we nog eens goed welke fundering er nodig is, zodat het pad lang mooi blijft.

Transciptie 

Eerst moet je natuurlijk uitgraven waar het tuinpad moet komen. Dat kan met de spade en de schop, maar heb je een grote ruimte te doen, dan kan je een kraantje huren.


Dat metserskoord span je aan beide zijdes van het tuinpad. Zorg er voor dat je de touwtjes in het begin en op het einde even ver uit elkaar spant. Zorg dat het strak gespannen staat en leg het vast. Je kan dat doen aan een paaltje, of met een paar stenen. Controleer nog eens op verschillende plaatsen of het goed hangt.
Leg al wat boordstenen klaar langs de zijkant van het pad. Zo liggen ze klaar voor straks.
We plaatsen de boordstenen in de stabilisé. Dus maken we die eerst aan. Daarvoor doe je het nodige aantal liter water in de mengkuip en giet je het kant- en klaar stabilisémengsel er bij. Even goed doormengen met de schop en je hebt een licht vochtig mengsel dat perfect is om de boorstenen in te plaatsen. Het mengsel moet lichtjes aan elkaar blijven kleven.
Heb je een mortelmolen, dan kan je die gebruiken om het stabilisémengsel te maken. Doe gewoon de juiste hoeveelheid water in de betonmolen en doe er de zakken stabilisé bij. Even laten doormengen en je kan het mengsel storten.
Stort het gestabiliseerd zand langs de zijkant van de sleuf. Dam het wat aan, zo krijg je minder kans op verzakken. Je kan dat doen door een aandammer te gebruiken, of door er eens over te lopen.
Kijk even of je het niet te hoog hebt gelegd en leg er nog een kleine laag stabilisé op. In die kleine laag kan je dan je boordstenen kloppen. Zorg dat ze mooi gelijk komen met het metserstouw, zowel aan de bovenkant als aan de zijkant. Langs de zijkant maak je dan nog een bedding. Zo staat hij stabiel als de stabilisé uitgehard is.
De volgende boorsteen plaats je er dan vlak naast. Blijf het metserstouw zo nauwkeurig mogelijk volgen. Anders krijg je een insprining van de boordstenen, wat een lelijk resultaat geeft. Klop ze in zodat ze altijd mooi gelijk komen te liggen.
Door aan de buitenkant ook stabilisé te plaatsen, voorkom je dat je boorsteen naar buiten valt. Vergeet die opening van de sleuf dus ook zeker niet op te vullen.
Je houdt het best een beetje afstand van het metserstouw. Zet je je boorsteen telkens tot tegen het touw, dan gaat de steen er lichtjes tegen duwen. Zo krijg je uiteindelijk een vervorming van je lijn. In het begin zal je dit misschien niet zien, maar over de totale lengte van het tuinpad geeft dit een krom pad.
Moeten er leidingen onder je tuinpad? Dan voorzie je die het best nu al, of plaats je een wachtbuis. Die kan bestaan uit PVC buizen. Zorg dat ze in het stalisébed liggen, onder de boordstenen. Laat ze nog wat hoger uitkomen. Je kan er straks nog een stuk af doen, als het nodig is. Als de wachtbuis er ligt, kan je boordsteen er op plaatsen.
Het laatste stuk zal je waarschijnlijk op maat maken. Dat kan je doen met een haakse slijper. Meet en teken af op de boordsteen hoe lang hij nog moet zijn.
Hier werken we tegen het terras aan, wat tijdens de plaatsing een ingebed is aan de rand, zoals het hoort dus. Daarom snijden we de rand hier schuin af. Zo moeten we de bedding niet wegkappen.
Maak met je haakse slijper eerst een gleuf langs de lijn. Doe dat rondom. Moest de steen dan breken tijdens het slijpen, dan breekt hij langs de gleuf. Slijp dan de steen volledig door.
Eens het stuk steen is doorgeslepen, kan je hem plaatsen. Zorg ook hier voor een goede inbedding.


Beginnen doen we met het betonpuin. Dat laat je leveren. Dit is een stabiele onderfundering, die bovendien nog eens waterdoorlatend is. Het beton stort je gewoon uit met de kruiwagen en verdeel je met een hark. Je kan het aandammen, maar we gaan hier nog vaak overlopen met kruiwagens, en dat zal het betonpuin compact genoeg maken. Het kan geen kwaad als er tussen het betonpuin nog wat stabilisé zit van de boorstenen te plaatsen.
Bovenop de onderfundering leggen we dan een worteldoek. Deze zorgt er voor dan er geen onkruid op je pad komt te staan. De onkruidwortels kunnen dan niet doorgroeien tot aan de bodem. Het worteldoek is wel drainerend, dus water kan vlot passeren door het doek. Het doek kan je met een breekmes op maat snijden.
Dan kunnen we het tuinpad opvullen met stabilisé. Een grote hoeveelheid stabilisé laat je beter leveren. Dat is gemakkelijker dan hem allemaal zelf te draaien, en het is slechts een kleine meerprijs. Heb je een groot oppervlak te doen? Laat dan vertrager bij de stabilisé voegen. Die houdt het langer verwerkbaar en zo moet je je niet haasten om je terras of tuinpad klaar te krijgen.
De stabilisé kan je dan in kruiwagens tot aan je tuinpad vervoeren. Stort het op het worteldoek. Dan is het slechts een kwestie van het netjes te verdelen tussen de boorstenen. Met een schop verdeel je het tot het ongeveer overal gelijk ligt. Dan kan je het chapenet er in leggen.
We gebruiken hier een wapeningsnet in glasvezel en niet de traditionele metalen wapeningsnetten. Een net is veel gemakkelijker op maat te maken en doordat het flexibel is, is het ook gemakkelijker te plaatsen.


Het wapeningsnet vangt immers de eventueel scheuren op die kunnen ontstaan bij zware belasting of bij het inkrimpen en uitzetten als het vriest en dooit. Het net kan grote trekkrachten opvangen.
Plaats het in het stabilisébed. Zorg er dus voor dat er zowel boven als onder het net een laag stabilisé ligt.
Verdeel ook de laag stabilisé die op het net ligt zo gelijk mogelijk met je schop. Zorg dat het net overal bedekt is.
De fundering kunnen we nu aantrillen. Dat gaat het best met een trilplaat. Dat is misschien niet een machine die je zelf hebt, maar ze is wel courant te huren. Rol de machine dan tot op het stabilisébed.


Nu kan je het stabilisébed aandammen. Hierdoor zal het wat zakken. Is het stabilisé rond je boorstenen nog niet hard, blijf je er best wat van weg. Zo verschuiven ze niet naar buiten.
Rond de boorstenen kan je dan aandammen met een aandammer. Hiermee verdicht je het bed ook zodat je een stabiele ondergrond krijgt. Heb je maar een kleine oppervlakte te doen? Dan kan je alles aandammen op deze manier.
Dan kunnen we de straatlaag aanbrengen. Het is belangrijk dat die overal op dezelfde hoogte komt. Daarvoor moet je ze afrijen. Om dat overal gelijk te doen, maken we een hulpstuk. Zaag een plank wat breder dan je tuinpad en de boordstenen.
Leg er dan een van je klinkers op en duidt de dikte aan. Doe dat aan de twee uiteindes van de plank.
Meet dan hoeveel de breedte is tussen je boordstenen. Trek er een paar millimeter af. Zet die maat over op je plank, ongeveer in het midden.

Nu heb je een lijn waar de twee aanduidingen elkaar kruisen. Dat stuk zaag je weg uit de plank.
Nu heb je een afreilat precies op maat. Om de borduren nog te beschermen kan je rond de uiteindes nog wat klustape doen. Zo maak je geen krassen aan de bovenkant van je nieuwe natuursteen borduur.
Met deze plank kan je dan de straatlaag afreien. Door het hulpstuk zal het overal even hoog zijn. Waar nodig kan je nog wat extra stabilsé gooien met een truweel om het vlak effen te krijgen.
Met de boordstenen en de fundering in orde, kunnen we de stenen zelf beginnen leggen. Maar dat is voor het volgende deel. Daar zie je hoe we de natuurstenen klinkers plaatsen én opvoegen. Zo krijgen we een prachtig tuinpad.

In de vorige aflevering legden we de basis voor ons tuinpad in natuursteen. Daar zag je al hoe we de boordstenen plaatsten in stabilisé. De ruimte tussen de boordstenen werd opgevuld met een onderfundering uit betonpuin en een worteldoek. Daarop plaatsten we het funderingsbed in stabilisé. In dat bed legde we een wapeningsnet om scheuren en breuken te voorkomen. Het bed trilden we aan, waarop dan een straatlaag van enkele centimeter kwam te liggen. Hierop kunnen we de klinkers leggen.
Nu kunnen we de klinkers beginnen leggen. Daarvoor brengen we al een deel van de stenen naar de plaats waar ons tuinpad ligt.
Om de stenen op het pad te leggen, kan je een hechtbrug gebruiken. Hierdoor hechten ze beter op de stabilisé.
Daarvoor maak je de hechtmortel aan. Doe, zoals altijd, eerst de juiste hoeveelheid water in een mengkuip. Hoeveel water je er precies moet bijdoen, lees je op de verpakking. Dan pas kan je het droge mengsel bij het water voegen. Meng alles goed door met een menger.
Laat het product dan enkele minuten rijpen. Zo hebben de chemische stoffen tijd om te reageren met het water. Voor je dan het product gebruikt, meng je het nog eens krachtig door.
De hechtbrug, en de naam doet het al vermoeden, verbetert de hechting van de straatstenen aan de fundering in stabilisé.
Je smeert de hechtbrug op de onderkant van je natuursteen klinkers. Dit doe je gewoon met een blokkwast. Smeer de klinkers in en leg ze op het stabilisébed.
Om het aan te brengen op het stabilisé, moet het nog wel vochtig zijn. Is je stabilisé al uitgehard? Dan kan je hem lichtjes bevochtigen. Je moet gewoon vermijden dat het vocht meteen uit de hechtbrug wordt gezogen door een te droge ondergrond.


In die straatlaag kan je de stenen dan eventueel wat dieper kloppen met een rubberen hamer. Bij deze stenen moet je er echter niet mee overdrijven. De bovenkant, de zichtbare kant, is grillig gevormd. Dus zoveel kwaad kan het niet dat er eens eentje een paar millimeter bovenuit steekt. Is het verschil te groot? Dan sla je de steen wat dieper. Het is natuurlijk niet de bedoeling dat iemand er over struikelt.
Bij stenen die bovenaan vlak zijn afgewerkt, is het natuurlijk wel belangrijker dat je alles mooi gelijk legt.
Ook in de breedte zijn deze klinkers niet altijd even maatvast. Maar het wilde karakter van deze stenen laat toe om de voegdikte iets of wat te laten wisselen. Zolang de verschillen in één rij niet te groot zijn, valt dit niet op.
Je mag de stenen gewoon tegen elkaar leggen. Je hoeft niet met kaleerblokjes te werken om eenzelfde voeg aan te houden. Door het maatverschil zal er immers hier en daar vanzelf een voeg ontstaan.
Door het maatverschil moet je wel regelmatig controleren of je nog wel recht werkt. Vermijd dat je aan het einde schuine stukken moet zagen. Controleer dus af en toe of je nog haaks aan het werken bent, of zelfs nog belangrijker, of je niet in een boogvorm bezig bent. Leg er af en toe een lat tegen en sla de klinkers desnoods wat aan.
Natuursteen heeft een aantal voordelen ten opzichte van betonklinkers. Natuursteen is een natuurlijk product dat vergrijst met de jaren.
De aankoop van natuursteen is vaak duurder, maar de levensduur van natuursteen is wel een pak langer. Als het goed gelegd is, kan een pad of oprit een leven lang meegaan. Daardoor is het een duurzame keuze. Het materiaal overleeft niet enkel de tijd, het oogt ook nog eens tijdloos.
Natuursteen is ook onderhoudsvriendelijk. De eventuele groenaanslag kan niet in de steen dringen, waardoor het schoonmaken met wat water meestal genoeg is om ze terug proper te krijgen.
Je zal sowieso een deel van de stenen op maat moeten maken om alles te doen passen. Dat kan je doen met een haakse slijper. Bescherm jezelf wel tijdens dit stoffige werk. Een stofmasker, een veiligheidsbril en gehoorbescherming zijn geen overbodige luxe. Doe zeker ook veiligheidsschoenen aan als je het stuk natuursteen vast klemt met je voeten.
Heb je er weinig vertrouwen in, of moet je een klein stukje zagen? Dan kan je nog altijd het stuk steen klemmen met behulp van een extra plank. Zo snij je zeker niet in je voet.
Leg de stenen op hun plaats en meet het stuk dat je nodig hebt meteen af tot aan de boordsteen. Het is niet nodig hier een meter boven te halen. Het is vaak preciezer om het meteen op de steen zelf aan te duiden.


Op deze manier krijg je een echt wildverband. Zorg er ook voor dat de kopse voegen niet te dicht bij elkaar liggen. Dit zijn zwakke plekken waar de stenen iets minder stevig liggen. Niet dat dit meteen problemen gaat geven, maar beter voorkomen dan genezen.
De laaste rijen pas je al beter eens voor je ze defninitef vast legt. Begin aan het einde, hier aan de terrasrand, om te zien waar je uitkomt. Eventueel kan je eens passen door een aantal rijen wat dikkere stenen te gebruiken. Heb je geluk, dan kan het zijn dat je geen stenen in de breedte moet zagen.
De zijkanten, naast het tuinpad, kan je opvullen met aarde. Zo wordt de stabilisé bedekt en kan je terug gras zaaien of andere planten voorzien. Verdeel de aarde netjes langs de zijkant van het pad. Nadien veeg je het pad nog eens schoon. Geef de stabilisé en de hechtbrug nu even de tijd om te drogen voor je begint met voegen.


Verdeel het polymeerzand over het tuinpad. Stort niet alles op één plaats uit, maar verdeel het meteen over het gehele tuinpad. Verdeel het voegzand over het tuinpad met een middelharde borstel. Doe dat in diagonale richting.
Dan kan je het voegzand in de voegen inborstelen. Gebruik hiervoor een zachte borstel. Het polymeerzand is heel licht. Met een harde borstel zou je het zand weg laten springen van de stenen.


Het is namelijk belangrijk dat je voegsel tot onderaan geraakt. Door de voegen op te vullen geef je niet enkel een mooi resultaat, de stenen zullen ook vaster komen te liggen. De ruimtes tussen de stenen worden opgevuld, waardoor je een stevig geheel krijgt.
Borstel de voegen dan verder in, en klop af en toe nog eens wat met de steel. Zijn de voegen volledig gevuld? Dan borstel je het teveel aan voegzand weg.
Op de stenen, en zeker bij deze grillige stenen, blijft er dan nog een deel van het voegzand liggen. Verwijder zoveel mogelijk met een blazer, maar let op dat je niet het zand niet uit te voegen blaast. Kies dus eerder voor een zachte dan voor een krachtige straal.
Nadat het meeste van het voegzand van de stenen is, maak je de stenen nat. Het polymeerzand zal reageren met het water en harden.
Je vernevelt het water over de stenen. Een krachtige waterstraal zal hier het zand uit de voegen spuiten. Een fijne waterstraal op een twintigtal centimeter boven het tuinpad is genoeg. Je kan eventueel ook een gieter gebruiken met een sproeikop. Je zal zien dat tijdens het spoelen het overtollige zand ook van de stenen verdwijnt.
Als de stenen gespoeld zijn, laat je ze nog opdrogen. Het zand zal harden tussen de voegen en de stenen stevig vast leggen.

Je kan dit artikel volledig lezen na registratie

Reageer

Kleurenschema
Aantal tegels per rij
Beeldverhouding
Weergave
Hoeken afronden
0

Welkom bij Dobbit 

Dobbit maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren en te personaliseren. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met Het privacy- en cookiebeleid.