Hoe zelf je trap renoveren

Roger - Een trap maken, dat is specialistenwerk. Maar een trap terug in ere herstellen, dat kan je gemakkelijk zelf doen. En bij oude trappen ga je toch altijd het best voor een volledige renovatie, waarin je niet alleen je trap een nieuw uiterlijk geeft, maar ook een nieuw leven.

Transciptie 

 

Deze trap is dringend aan renovatie toe. De lak is beschadigd omdat de trap veel gebruikt is. Je kan er voor kiezen om de trap opnieuw te verven, maar daarmee is het probleem qua veiligheid niet opgelost. De trap is afgesleten op de plaatsen waar er al veel op gelopen is. Hierdoor liggen de treden oneffen en kan je er gemakkelijk van schuiven.
We kiezen voor een langdurige oplossing. We gaan de trap bekleden. We bestellen daarvoor overzettreden. Die heb je in verschillende breedtes. We meten dus de breedte van de trap op en bestellen overzettreden die iets breder zijn.
Enkele weken later komen de overzettreden aan. Bij de levering krijgen we ook een uitgebreide uitleg van iemand met ervaring in het vak. We krijgen alle tips en trucs mee om de installatie van de overzettrap tot een goed einde te brengen. En we kunnen natuurlijk met al onze praktische vragen terecht bij de leverancier. Zowel nu als tijdens de installatie.
Voor we de eigenlijke overzettrap kunnen plaatsen, moeten er nog wat voorbereidingen gebeuren. Daarvoor gebruiken we een multitool, een beitel, een nagelpistool, lijm, een zaag, verf en je verfmateriaal.
Als eerste moeten we de latjes onderaan de trede verwijderen. Die zitten in de weg als we nieuwe stootborden plaatsen. Deze wellatten kan je gewoon aan beide uiteinden, net naast de wangen, doorzagen met een multitool. Probeer daarbij zo dicht mogelijk tegen de wangen van de trap te zagen.
Met een beitel verwijder je dan de lat zelf. Zet de beitel achter de lat en met een paar tikken van de hamer en wat wringen komt de lat los. Doe dat nu voor alle wellatten.


Maak de lat op maat en zorg dat ze overal aan de trap goed aansluit. Ook vooraan verlengen we de trapboom nog een beetje. We lijmen de lat vast aan de oude trapboom. Dat doen we met polymeerlijm. Die hecht zeker ook op de oude laklaag die nog op de trap zit. We nagelen bovendien de lat nog vast. Zorg dat ze mooi gelijk ligt met de binnenkant van de trapbomen. Controleer altijd voor je een nagel inslaat.
De lat en de trapbomen krijgen zo meteen een nieuwe kleur. Zo passen ze beter bij de nieuwe trap. We schuren daarom eerst alle delen die we van een nieuwe laag voorzien. Je kan je excentrische schuurmachine gebruiken voor het grove werk. Maar om tot in de kleinste hoekjes te komen, neem je beter een schuurmachine met een driehoekig blad. Of je doet zoals ons en zet een driehoekig schuurblad op je multitool.
Maak na het schuren alles nog eens goed proper. Anders gaat het stof in je verflaag terecht komen.


Voor je verft plak je de delen af die je niet wil schilderen. Dat doe je met schilderstape. Eerst zetten we een primer op de wangen. In de hoeken ga je met een borstel aan de slag, de grotere delen gaan vlotter vooruit met een kleine verfrol. Daarmee werk je bovendien het oppervlak ook egaler af.


Door de onderkanten mee te verven, vermijd je dat er een zwart gat is onder de overzettrede.
Pas na de laag primer vul je de gaatjes. Nu de trap al wat wit geverfd is, kan je goed de zien waar de oneffenheden zitten. Wacht tot de primer droog is voor je de gaten vult.
Langs de randen breng je al een lijn acrylkit aan. Dat doe je in alle voegen tussen de muur en trap. Met een kitspatel kan je het overtollige voegmiddel wegnemen.
Je kan ook al een eerste laklaag aanbrengen op de trapwangen. In de hoeken schilder je weer met een borstel. Grote vlakken behandel je met de verfrol. Laat de laag drogen en breng nog een tweede laklaag aan.


Begin de nummering beneden en werk naar boven.
Dan kan je de trap opmeten. Meet de lengte zowel vooraan als achteraan de trede om te zien of de maat voor- en achteraan gelijk is. Neem de kleinste maat als er verschil op zit. Ook de diepte meet je op verschillende plaatsen.
Maak er een goede gewoonte van om meteen de nummer en de maten op de achterkant van de trede te schrijven.
Voor moeilijkere vormen, zoals bij een draaitrap of deze onderste trede, maak je beter een mal uit karton. Knip die zodat ze net op dezelfde maat is als je trede. Die kan je dan overzetten op de overzettrede.
Met de maten van de trede genoteerd, kan je ze beginnen zagen. Daarvoor gebruik je een cirkelzaag én een afkortzaag. Een schuurmachine kan ook nog van pas komen.
Stel je cirkelzaag in op de juiste zaagdiepte. Het zaagblad moet net door de trede heen zagen. Veel dieper moet je hem niet instellen.
Stel de langsgeleider van je cirkelzaag in op de juiste afstand. Zo zaag je precies gelijk met de rand.
Leg dan de trap op je afkortzaag, met de afgewerkte kant naar boven. Zaag hem door. Leg de overzettrede dan even op zijn plaats en kijk of hij past. Is alles oké? Dan kan je aan de volgende trede beginnen.
Voor je de trede in doorzaagt, controleer je het best even of er geen beschadigingen zijn aan de zijkanten. Is dat zo? Dan zaag je natuurlijk het best die kant er af.
We gebruiken in dit geval een zaagblad geschikt voor laminaat. Deze heeft meer tanden en fijnere tanden. Hierdoor krijg je een fijnere zaagsnede en beschadig je het laminaat op de trede niet.
Past een trede niet meteen? Dat kan. Het betekent niet dat je de trede opnieuw moet zagen. Een oude trap heeft kleine maatverschillen, en die kan je perfect oplossen door eens met je schuurmachine over de plek te gaan waar het knelt. Pas het dan nog eens en ga er desnoods nog eens over tot de trap volledig past.
Heb je alle treden op maat gemaakt? Kleef ze dan nog niet vast. Eerst maak je de nieuwe stootborden nog op maat.
Neem daarvoor de trede weg boven het stootbord dat je wil opmeten. Meet, met behulp van een plankje, de hoogte op van je stootborden. Meet tot het onderste van je oude trede. Schrijf de nummer van de trede die er onder ligt en de maten op het nieuwe stootbord. Zaag die ook op maat.
Voor je begint te lijmen, haal je alles terug van de trap. Zet alles op volgorde, zodat je tijdens het lijmen niet mist en alles toch vlot vooruit gaat.
Met alles op orde kan je beginnen lijmen. Daarvoor gebruiken we polymeerlijm.
Begin beneden met de oude trede in te lijmen. Voor de overzettreden breng je de lijm aan in dotten op de oude trede. Lijm ook de neus van de nieuwe trede wat in, zo blijft hij beter op zijn plaats kleven.


Te weinig lijm zal de trede hol doen klinken als je er op loopt.
Door de treden opnieuw te bekleden geef je je trap een heel nieuw leven. Het laminaat waaruit de overzettreden zijn gemaakt, heeft een lange levensduur en zo zal je trap nog een generatie mee kunnen.

Het laminaat is voorzien van een antislipcoating, wat je trap ook een stuk veiliger maakt.
Je lijmt ook meteen de stootborden vast. Om te vermijden dat je op je nieuwe trede morst, breng je lijm aan op de achterkant van de nieuwe stootborden. Dat is de kant waarop je geschreven hebt. Druk ze dan op hun plaats.
Heb je een kleine beschadiging van het stootbord tijdens het zagen? Dan zet je het best die kant naar boven. Zo krijg je het mooiste resultaat.
Nu je treden en je stootborden netjes op maat zijn, gaat het plaatsen vlot vooruit.


Wees dus voorzichtig en zorg er voor dat je de treden niet verschuift. Heb je toch een treden wat verschoven? Leg hem dan meteen terug op zijn plaats.
Voor je het weet is je trap volledig bekleed en ziet hij er uit als nieuw. Wacht nu even tot de lijm zijn eerste sterkte heeft bereikt om verder te gaan met werken.


Om de leuning te hangen gebruik je een schroefboormachine, boren, schroeven en pluggen.
Boor de gaten eerst even in met een boor met een kleine diameter. Boor je meteen met een boor met een grote diameter, kan het zijn dat je schuin boort. Door eerst te boren in een kleinere diameter te boren, volgt de dikkere boor mooi het gaatje dat er al is. Hierdoor komt je plug ook recht in de muur te zitten.
Boor een tweede keer met een boor in dezelfde diameter als je plug. Zuig het stof uit het boorgat en steek de plug er in.
Voor je de leuning hangt, verwijder je wel even het stof rond je boorgat. Schroef de leuning dan vast in de muur.
Nu al het stoffige werk achter de rug is, kan je beginnen met de fijne afwerking. Maak daarvoor eerst de trap schoon. We gaan de naden afkitten. Het is een werkje waar je wat geduld voor moet hebben, maar waar het resultaat wel een heel pak beter door wordt.
Breng een lijn schilderskit aan op de voeg. Vertrek telkens van uit een binnenhoek naar het midden toe. Het teveel aan schilderskit neem je weg met een kitspatel. Hierdoor krijg je een fijn afgelijnde voeg.
Veeg de spatel heel regelmatig af. Zo voorkom je je kit uitsmeert op de trap.
We hebben hier slechts een kleine voeg, dus we werken met witte kit, de kleur van de stootborden en de trapwangen. Heb je een andere kleur, kan je in de bouwhandel kit krijgen die er bij past. Je kan er ook voor kiezen om de voeg af te werken in de kleur van de treden.
Eens de trap is afgekit en de kit is droog, kan je de trap in gebruik nemen. De trap kan je op dezelfde manier onderhouden als laminaat. Je mag er dus gerust met een licht vochtige dweil over gaan.

 

Je kan dit artikel volledig lezen na registratie

Reageer

Kleurenschema
Aantal tegels per rij
Beeldverhouding
Weergave
Hoeken afronden
0

Welkom bij Dobbit 

Dobbit maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren en te personaliseren. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met Het privacy- en cookiebeleid.