Kijk gratis en onbeperkt

Registreer

De Engelse oldtimer 2 - Austin Cooper S

De Engelse oldtimer 2 - In de vorige aflevering gingen we op zoek naar een leuke Engelse oldtimer om te restaureren. Al snel vonden we een mooie Austin Cooper S waar de eigenaar een rally replica wil van maken. In deze aflevering maken we kennis met Carl Braem, die de wagen volledig zal onder handen nemen.

Transciptie 

In de vorige aflevering van DIY on Wheels gingen we op zoek naar een leuke Engelse oldtimer om te restaureren. Al snel vonden we deze mooie Austin Cooper S. De eigenaar wil er een rally replica van maken.

 


Daarna was het zoeken naar iemand die deze oude wagen onder handen kan nemen. Lang hebben we niet moeten twijfelen, toen we deze man tegenkwamen die de Mini’s met de paplepel binnenkreeg.

 

 


Man 1
Ik ben Carl Braem van garage Descamps. Ik ben al 27 jaar bezig met Engelse oldtimers.


Man 1
Ik heb de garage overgenomen van mijn grootvader. Hij is in 1950 gestart met een Morris MG concessie. Mijn grootvader heeft dus de start meegemaakt van de Mini in 1959. En we hebben dus altijd mini’s verkocht tot het jaar 2000, wanneer ze gestopt zijn met de klassieke Mini.
Carl kent de Mini dus van binnen en van buiten. Hij restaureerde al ettelijke exemplaren en reed lange tijd rally met zijn eigen Cooper. Hij kan ons dus ook het hele Mini verhaal vertellen…

 

 


Man 1
Het verhaal van de Mini is begonnen in 1959 maar er was toen nog geen sprake van de Mini Cooper. Cooper kwam er pas bij in 1961. De Mini werd ontworpen als gewone stadswagen en niet als een wagen om rally of races mee te rijden. Het verhaal waar Cooper dan bijgekomen is, was in 1961. Cooper was eigenlijk een sportwagenfabrikant.


Man 1
Dit is zo een echte Cooper, nog voor het Austin of Mini verhaal erbij kwam. John Cooper was begonnen met heel kleine racewagentjes die een motorfietsmotor hadden achterin. Die werden aangedreven met een ketting en daarom moest hij de motor achteraan plaatsen. En dat was dus zijn handelsmerk, racewagens maken met de motor achterin.


Man 1
John Cooper zijn formule 1 piloten hadden een mini gekocht om mee te spelen op het circuit. En dat was zeer leuk omdat die een perfecte wegligging had. Maar de wagen ging niet vooruit en remde ook niet goed. Dus ze vroegen aan John Cooper, die ervaring had met het motorblok in de mini omdat hij die ook in de formule junior gebruikte, een getunede motor dus… Ze zeiden tegen John Cooper: steek eens zo een motor in die mini, zodat we zien welk effect dat heeft. Zo gezegd zo gedaan en de wagen was nog leuker om mee te rijden maar remde natuurlijk nog slechter. De remmen waren niet geadapteerd naar het vermogen van die motor. Daarom heeft hij de schijfremmen ontwikkeld. Ze hadden dus een goeie motor en goeie remmen, de wagen remde goed en was een plezier om mee te rijden. Hij noemde het een formule 1 wagen voor 4 passagiers.


Man 1
Hij is toen met dat idee naar BMC gestapt, de toenmalige bazen van de mini. En hij zei: we moeten er een racewagen van maken. Maar ze zeiden: ja dat was niet echt onze bedoeling om een racewagen te maken, dit is een kleine wagen voor jan met de pet om op straat te rijden. Nee, zegt John Cooper, we gaan er een racewagen van maken en we gaan daarmee races en rally’s kunnen winnen. Ok, zeggen ze, het is goed maar je zal er 1000 moeten maken voor de homologatie maar je zal er nooit 1000 verkocht krijgen maar probeer maar.


Man 1
En zo is dus het mini verhaal gestart want er was toen nog geen sprake van “Mini”. Er was toen de Austin Seven en de Morris Minor. De Austin Seven was het kleinste Austin model en de Minor het kleinste Morris model. Natuurlijk was de Mini kleiner dan de Minor en hebben ze er dus Mini Minor van gemaakt. En daar was er voor het eerst sprake van Mini maar officieel kreeg die dus nooit de naam Mini bij de start. Ze hebben er toen dus Morris Cooper en Austin Cooper van gemaakt.


Man 1
En zo was de racewagen geboren. Ze hebben er dan rally’s mee gereden, op circuit geracet en het was een onmiddellijk succes want hij heeft 3 of 4 keer de Monte Carlo gewonnen. Hij heeft 4 keer gewonnen maar is 1 keer gediskwalificeerd geweest maar voor mij is het vier keer, officieel maar 3 keer.


Man 1
En zo heeft ie alles gedomineerd in de jaren 60. De Mini was onoverwinnelijk en de beste rallywagen die je op dat moment kon hebben. En dan kwam er in 1964 ook nog de Cooper S bij, dat is dit wagentje hier. Dat was eigenlijk een speciale versie van de gewone Cooper met een nog meer aangepaste motor om nog beter rally te kunnen rijden.


Man 1
John Cooper had een contract bij BMC om van 1961 tot 1971 om snelle Mini’s te maken dus de Cooper versies. Hij deed ook de ontwikkeling ervan en ze werden gemaakt bij BMC als de Morris Cooper en de Austin Cooper. En 1971 verviel het contract en werd het ook niet meer verlengd. De groep was ook veranderd in British Leyland en ze hadden de Cooper niet meer nodig. Ze hebben er dan gewoon Mini van gemaakt, zoals gekend in de volksmond. Na 20 jaar, in 1990 – 1991 kende de Mini terug een soort revival. Ze hebben toen John Cooper weer gecontacteerd en gevraagd of ze zijn naam terug aan Mini mochten koppelen. En dat was ok en dit is dus zo een wagentje, uit 1991.


Man 1
Ze hebben er een nieuwe1300cc motor in gezet en ook grotere wielen en grotere remmen op gezet en dus ook weer de naam Cooper op geplaatst. En toen is het verhaal terug herbegonnen met John Cooper. Ze reden er geen rally meer mee want de Mini was ondertussen al over zijn ontwikkeling heen en kon ook niet meer mee in de het rallygebeuren maar was wel nog altijd fun om mee te rijden. Deze hebben ze dan ook nog geproduceerd tot ze dan uiteindelijk definitief gestopt zijn met de Mini.
Maar het Mini verhaal was nog niet helemaal ten einde. Tot op vandaag kan je bij BMW nog steeds een Mini kopen.

 

 


Man 1
En zo komen we bij de huidige Mini, die natuurlijk wel een stuk groter uitgevallen is dan de oude Mini. Maar deze voldoet wel aan alle huidige veiligheidsnormen en zo. Het is ook een Cooper S versie, net zoals diegene die we moeten restaureren. Maar natuurlijk met 50 jaar tussen.
Terug naar onze Mini nu. Die ziet er toch perfect in orde uit?

 

 


Man 1
De wagen ziet er op het eerste zicht goed uit maar er zijn toch veel details die zullen moeten nagezien worden. Bijvoorbeeld de motor.


Man 1
De motor zal een volledige revisie krijgen. Je ziet hier ook het verschil ik kleur tussen het motorblok en de cilinderkop. Er is dis vroeger al eens aan gewerkt geweest. Wat is er juist mee gedaan, dat weten we niet. Dus dat ga ik controleren en volledig reviseren en in het juiste kleur terugzetten. Voor de rest ja, deze gaskabel is veel te lang. Er zullen nog wel details zijn die niet kloppen maar alles zit er in wat er moet in zitten. De remservo, de dubbel carburateurs, dynamo… Alles klopt, het verhaal klopt behalve het kleur van het motorblok.


Man 1
Voor de rest zijn er nog wat details. Het chroom is verdwenen door in de zon te staan. De deur past niet goed, botst hier tegen. Dat wordt allemaal vervangen tot het weer mooi past. De deur kan dicht maar je ziet dat dit niet past, het klopt hier niet.


Man 1
Achteraan zie je dat de zetels verkleurd zijn van het zonlicht. Dat wordt allemaal herdaan, je ziet ook dat de chroom hier ook weg is.


Man 1
Binnenin ziet de wagen er ook grotendeels origineel uit maar er zijn ook wat details die moeten nagezien worden. Bijvoorbeeld die kilometerteller die loszit.


Man 1
De binnenverlichting is afgebroken.


Man 1
Er is een stuk weg van het deurpaneel. Maar algemeen is dit een zeer gezond wagentje.


Man 1
De wagen hangt te laag. Dat is een speciale ophanging bij de Mini, een hydrolastische ophanging. Dat is een systeem met vloeistof die onder druk staat. Maar er is wat drukverlies en daardoor is hij ook gezakt. Dat is nu het eerste wat ik ga doen, die terug op druk zetten als de wagen op de brug staat. Zo kan ik kijken of er nergens lekken zijn.


Man 1
Algemeen is het een gezonde basis. De klant wil er ook een rallywagen van maken, een replica dus van een wagen waar ze vroeger rally’s mee reden dus dat gaan we dan ook doen.
Aangezien deze wagen uit Finland komt, denkt de klant eraan om een replica te bouwen van een Cooper S van één van de legendarische Finse rallypiloten Rauno Aaltonen en Timo Mäkinen. Deze laatste slaagde er ooit in om tijdens de 1000 Lakes Rally in Finland, de derde plaats te behalen met zijn motorkap open!

 


Ook Carl reed regelmatig rally’s met zijn persoonlijk Mini. Hij toont ons wat er zoal aan zo een wagen aangepast wordt.

 

 


Man 1
Dit hier is mijn persoonlijke mini, die ik al 20 jaar heb. Daar heb ik al heel wat rally’s mee gereden en hij heeft zijn dienst al bewezen. Nu is hij op pensioen en rijd ik er niet meer mee. Maar deze is ook gebouwd zoals de rallywagens er vroeger uitzagen. Niet als moderne rallywagen maar zoals een uit de jaren 60. De wagen is ook van de jaren 60 en alles is historisch correct, zoals vroeger dus. Het dashboard, de rubberen versnellingspook. Deze Tripmaster is wel een recenter type. De rolkooi ook die erin zit is net zoals vroeger. Voor de klant, dus voor onze rode mini, gaan we nog een stuk verder. Nog authentieker dus met een Halda Tripmaster erin, alle metertjes in het zwart etc. Dus we gaan nog een stapje verder met die restauratie en dus nog meer natuurgetrouw zoals vroeger.


Man 1
De velgen moeten ook veranderen. Deze heeft originele Minilight velgen, magnesium velgen. Dat is authentiek Mini maar die velgen zijn maar gemaakt in 1967. De wagen is van 1964 dus kan nooit origineel gemonteerd zijn. We gaan die dus vervangen door de standaard stalen velgen zoals op mijn Mini. Die heeft de 4,5 duims Cooper S velgen met de ronde gaatjes, historisch correct dus.


Man 1
Vooraan zal die ook aangepast worden, er zullen extra lichten geplaatst worden. Afhankelijk van de versie die we zullen maken zullen dat er vier voor de grill ofwel twee op de motorkap en drie ervoor. Dat hangt nog af van deklant. Een riem zal er ook op komen, deze dient om de motorkap te zekeren. Achteraan zit dat ook. Een rubberen zekering om het kofferdeksel tegen te houden. En ook een achterlicht moet geplaatst worden om achteruit te rijden. Dat is eigenlijk een verstraler van de voorkant die ze achteraan monteerden om beter te zien tijdens het achteruitrijden.
Carl heeft nu alles bekeken behalve de onderkant van de wagen. Daarom gaat ie op de brug en de hoogte in. Hopelijk geen onaangename verrassingen daar beneden!

 

 


Man 1
Nu eens de onderkant inspecteren.


Man 1
Ik begin achteraan.


Man 1
Ik had daarnet al vermeld dat de wagen te laag hangt hé. En hier zie je het resultaat ervan, schade ontstaan dus door het te laag hangen. Kijk, de wagen heeft eens met de uitlaat gehaperd hier. De uitlaat is dan achteruit geschoten en heeft heel het chassis geplooid.


Man 1
Dat zullen we dus moeten vervangen, zodat het weer mooi recht is. Zeker bij een body-off restauratie moet dat opgelost worden. Ook de uitlaat moet vervangen worden, hij is helemaal geplooid hier. En er is ook aan gelast geweest.


Man 1
Dan hier vooraan kan je zien dat de vloeren zijn ingedeukt. Dat komt door het verkeerd opkrikken van de wagen. Je mag een Mini nooit hier opkrikken, altijd op het chassis anders krijg je zo een deuk in de auto. Dan de dorpels…


Man 1
Het zijn de verkeerde. In een vorige restauratie hebben ze de dorpels vervangen maar het zijn niet de juiste. Ze komen van een recentere Mini want er zitten 6 gaten in. Er mogen er normaalgezien maar 4 inzitten.


Man 1
Je kan hier ook zien dat de wagen nog behoorlijk origineel is. Het zijn de juiste cardankoppen. Er zit wel wat speling op dus ze moeten vervangen worden.


Man 1
De stofhoes is ook gescheurd.


Man 1
Olieverlies ook uiteraard maar een Mini is daarvoor bekend. Hij heeft wel de juiste remmen. Je kan ook zien dat de ophanging bijna versleten is doordat hij te laag hangt. Er is al een barstje in de rubbers hier. Tja, moet toch helemaal uit mekaar om een volledige revisie te krijgen.


Man 1
Ik wil graag straks een testrit doen met het wagentje om te kijken hoe het rijdt. Hoe dat hij schakelt, of de koppeling werkt, de versnellingsbak en de remmen werken, hoe hij stuurt en zo. Maar eerst en vooral hangt de mini veel te laag. Hij moet dus terug omhoog. Het is door die speciale vering waarbij de druk weg is en de wagen dus zakt. In deze staat rijden we straks alles kapot. Dus ik ga nu eerst, voor we een testrit doen, de wagen omhoog zetten zodat we normaal kunnen rijden. Daar voor heb ik dit toestel nodig.


Man 1
Dat is een pomp om druk bij te steken.


Man 1
Achteraan zitten er twee nippels, één links en één rechts. De voorkant is verbonden met de achterkant via deze leidingen hier en daar ga ik nu druk opzetten.
Via dit toestel pompt Carl een waterhoudende hydraulische vloeistof in het systeem. Zo komt de ophanging terug op druk. Hij doet eerst de linkerkant.

 


Na een eerste controle met eenvoudige mankracht brengt Carl ook de rechtse ophanging op druk.

 


Links en rechts moeten uiteraard op dezelfde hoogte staan dus Carl laat de Mini even zakken om de hoogte te meten.

 

 


Man 1
Hoe meet je nu de hoogte? Niet vanop de grond maar tussen de velg en de bovenkant.


Man 1
Hier heb ik 44 cm.


Man 1
En hier 43,5 cm. Dus aan de andere kant een beetje zakken.
Een beetje druk lossen en nog eens nameten…

 

 


Man 1
43,5 cm das perfect.
Tijd nu voor een testrit! Carl kent de Mini erg goed dus zo kan hij zich onmiddellijk een beeld vormen van de staat van de motor, de remmen, de koppeling en nog veel meer.

 

 


Man 1
Op zich rijdt de wagen erg goed. Het enig wat me opvalt is dat de koppelingspedaal erg kort is. Dat wil zeggen dat er lucht in het systeem zit en het schakelen dus erg stroef loopt. Hij stuurt ook goed, stuurt correct. Staat ook goed van hoogte en we haperen nergens. Het is echt een plezier om mee te rijden.
Na een laatste remtest keert hij terug naar de garage. Tijdens het rijden merkte Carl nog wel een aantal zaken op die niet in orde zijn.

 

 


Man 1
Het eerst wat opvalt bij stationair draaien is dat de toerenteller maar half werkt en de oliedruk staat op nul. Bij gas geven krijgt hij wel wat oliedruk maar das niet voldoende voor een goeie motor. De temperatuur is ook terug naar nul gezakt tijdens het rijden. Als we de auto een kwartiertje stationair laten draaien krijgt hij wel een beetje warm. Dat wil zeggen dat er geen thermostaat inzit. De motor wordt teveel gekoeld en haalt dus zijn bedrijfstemperatuur niet. Dat gaan we dus oplossen. De toerenteller gaan we ook herstellen. Nul toeren kan niet hé, ofwel draait de motor ofwel ligt hij stil.
En tijdens het stationair draaien valt er nog iets op.

 

 


Man 1
Het geluid dat je hier hoort is het rammelen van de tussentandwielen die naar de versnellingsbak gaan. Dat wil zeggen dat er teveel speling opzit of er een lager kapot is. Ik ga nu eens de koppeling induwen en dat geluid zal weggaan. Nu vallen de tandwielen dus stil en is het geluid weg...
Nu Carl een volledig beeld heeft van de staat van deze Cooper S, kan hij aan de demontage beginnen. Maar dat zie je in een volgende aflevering van DIY on Wheels.

 

 

Je kan dit artikel volledig lezen na registratie

Reageer

Kleurenschema
Aantal tegels per rij
Beeldverhouding
Weergave
Hoeken afronden
0

Welkom bij Dobbit 

Dobbit maakt gebruik van cookies om uw gebruikservaring te optimaliseren en te personaliseren. Door gebruik te maken van deze website gaat u akkoord met Het privacy- en cookiebeleid.